Hoe kun je het beste omgaan met acute stressstoornis klachten?

Omgaan met acute stressstoornis symptomen

Acute stressstoornis symptomen


De eerste acute stressstoornis (ASS) klachten kunnen al in de eerste paar dagen na de traumatische gebeurtenis opspelen en een verstorend effect hebben op iemands dagelijks leven. Concentratieproblemen, het onvermogen om positieve emoties te ervaren, terugkerende nare dromen over de gebeurtenis en prikkelbaarheid zijn veel voorkomende ASS klachten. Omgaan met acute stressstoornis is niet alleen op korte termijn belangrijk (het vermindert de ASS klachten [1],[2],[3],[4], en doet de kwaliteit van het leven toenemen [5]), maar ook op lange termijn het helpt bij het voorkomen van PTSS [1],[2]. Omgaan met acute stressstoornis is gelukkig heel goed mogelijk vanuit huis, zonder hiervoor een psycholoog te zien, zolang de klachten niet al te ernstig zijn. Indien je geinteresseerd bent in de hevigheid van je klachten, doe dan even snel de gratis PTSS test.
 

Ga naar:

 

Bij Barends Psychology Practice wordt acute stressstoornis behandeld. Meld je hier aan voor een eerste, gratis, sessie. (Afhankelijk van je zorgverzekering kan de behandeling vergoed worden).

 
 

Omgaan met acute stressstoornis – begrijpen waarom mensen ASS klachten krijgen.

Een traumatische gebeurtenis wordt gekenmerkt door de blootstelling aan een levensbedreigende situatie, een ernstige verwonding of seksueel geweld. Een dergelijke gebeurtenis is erg naar en kan schade toebrengen aan de hersenen. Er is tegenwoordig steeds meer bewijs dat suggereert dat de hersenen behoorlijk aangetast worden na een traumatische gebeurtenis en dat ASS (en PTSS) klachten zich zo kunnen ontwikkelen:

  • Vergeleken met vrouwen die geen PTSS ontwikkelden na seksueel misbruik in de jeugd, hadden de vrouwen die wel PTSS ontwikkelden na seksueel misbruik in de jeugd een kleinere hippocampus [7] (16% kleiner) en zelfs 19% kleiner vergeleken met vrouwen waarbij geen sprake was van seksueel misbruik in de jeugd of PTSS. Daarnaast was er bij de vrouwen met PTSS ook sprake van een falende activatie van de linker hippocampus bij een verbale geheugentaak [6].
  • Versterkte reacties aan de rechterkant van de amygdala (oftewel abnormale reacties in de hersenen op emotionele prikkels) op ‘verborgen’ angstige gezichten, wordt geassocieerd met chronische PTSS (reeds 1 maand na het trauma) [8]. Met ‘verborgen’ wordt hier het volgende mee bedoeld: onderzoekers laten 16ms lang een plaatje van een gezicht zien gevolgd door 100ms lang een ander plaatje. In de helft van de gevallen wat het eerste plaatje emotioneel geladen en het tweede neutraal, en in de andere helft precies omgekeerd. Als het emotionele plaatje als eerst werd getoond duurde het slechts 16ms, hetgeen te kort is om bewust te worden opgemerkt, waardoor pure reacties gemeten werden.
  • Volwassenen die dichter bij de Twin Tower aanslagen (9/11) waren (vergeleken met mensen die verder weg stonden) hadden minder grijze massa in hun amygdala, hippocampus, insula, anterior cingulate en medial prefrontale hersenschors, zelfs nadat er gecorrigeerd werd voor leeftijd, sekse en het totale volume grijze massa in iemands hersenen [9].
  • Minder grijze massa in de linker dorsale cortex cingularis anterior (ACC) werd ook gevonden bij mensen die recent een traumatische ervaring mee maakten en PTSS ontwikkelden [10], terwijl mensen zonder PTSS minder grijze massa hadden in de rechter pulvinar (achterste kerngroep van de thalamus) en linker pallidum (welke geassocieerd worden met reacties op hevige stress).

Schade aan de hersenen kan verklaren waarom sommige mensen ASS klachten ontwikkelen. Denk hierbij aan concentratieproblemen, prikkelbaarheid, nachtmerries en negatieve stemming. Pogingen om van nare gevoelens, gedachten en herinneringen die te maken hebben met het trauma af te komen, kunnen gezien worden als vermijdende coping van iemand om zo de schade te beperken. Helaas zorgt vermijdende coping voor meer ASS en PTSS klachten [11],[12],[17] vergeleken met actieve coping [12]. Onder actieve coping vallen strategieën zoals probleem oplossen, cognitieve herstructurering, emotionele expressie en het gebruiken maken van sociale steun.
Met andere woorden: ASS klachten ontwikkelen na het meemaken van een traumatische gebeurtenis komt vaker voor dan men zou verwachten, en kunnen deels verklaard worden door schade aan de hersenen. Gelukkig laat onderzoek zien dat effectief omgaan met acute stressstoornis de hevigheid van de ASS klachten kan verminderen.
 
 

Omgaan met acute stressstoornis – het verminderen van ASS klachten.

Er zijn een aantal dingen die iemand kan doen om de impact van de ASS klachten te verminderen. Soms duurt het even alvorens het advies resultaat laat zien en soms lijkt het advies contra-intuïtief. Desondanks wordt het advies op deze pagina ondersteunt door wetenschappelijke literatuur. Mensen die kort na de traumatische gebeurtenis effectief omgaan met acute stressstoornis klachten ervaren meer controle over de ASS klachten en zichzelf, terwijl tegelijkertijd gevoelens van hulpeloosheid en machteloosheid verminderen [13].

  • Cognitive evaluatie: De manier waarop iemand een prikkel beoordeelt, bepaalt de psycho-biologische reactie die het teweeg brengt. Als iemand een prikkel als een bedreiging (potentieel gevaarlijk/schadelijk) beoordeelt, dan zal diegene meer negatieve emoties en stress ervaren evenals gevoelens van hopeloosheid. Als daarentegen, iemand een prikkel als een uitdaging (potentieel ‘winstgevend’) beoordeelt, dan ervaart diegene weinig negatieve emoties, positieve opwinding en gevoelens van controle [13],[16]. Met andere woorden, het is belangrijk om bepaalde taken als uitdagingen te zien in plaats van iets negatiefs (bedreigend of te lastig). Bijvoorbeeld wanneer iemand ineens te maken krijgt met gevoelens van angst en paniek. Deze gevoelens komen veel voor na een traumatische gebeurtenis. In plaats van deze te zien als een bedreiging, probeer ze te zien als van tijdelijke aard en dat je dit aan kunt. Vaak worden deze gevoelens van angst en paniek veroorzaakt door bepaalde angstige gedachten. Deze gedachten zijn irrationeel en niet waar. Gedachten, evenals gevoelens, zijn tijdelijk en kunnen je niet daadwerkelijk pijn doen. Cognitieve evaluatie is een van de effectievere manieren om te leren omgaan met acute stressstoornis.
  • Sociale steun: Mensen die gebruik maken van een sociaal netwerk om te kunnen praten over de traumatische gebeurtenis (en de nasleep ervan), geven aan last te hebben van minder ASS en PTSS klachten, vergeleken met mensen die hier geen gebruik van maken [14],[16]. Ook ontwikkelen deze mensen minder vaak PTSS of ASS [15]. Het hebben van ongewilde gedachten, gevoelens en herinneringen is normaal na een traumatische gebeurtenis. In plaats van het vermijden hiervan is het beter om er met mensen over te praten. Op deze manier verwerk je deze gedachten, gevoelens en herinneringen . Het niet verwerken van dergelijke gevoelens, gedachten en herinneringen wordt geassocieerd met PTSS en ASS klachten.
  • Afleiding: Mensen die zichzelf afleiden (bezig houden) ontwikkelen minder vaak ASS of PTSS dan mensen die zichzelf niet bezig houden [15]. Probeer een positieve manier te vinden om jezelf bezig te houden en om je gevoelens te uiten (op een creatieve manier). Het hebben van flashbacks komt veel voor bij mensen die een traumatische gebeurtenis hebben meegemaakt. Eenvoudige activiteiten, zoals rondlopen, een praatje maken of een kruiswoordpuzzel/sudoku doen, zijn erg effectief. Zorg ervoor dat je activiteiten kiest die niet op de automatische piloot gedaan kunnen worden, omdat je dan kwetsbaar blijft voor de flashback/nare herinneringen.
  • Religieuze coping: Mensen die religieuze of spirituele coping mechanismen gebruiken hebben meer kans om te herstellen van ASS en PTSS dan mensen die geen gebruik maken van deze vorm van coping. Opvallend is dat mensen die religieuze coping toepassen sneller/meer herstellen dan de mensen die gebruik maken van spirituele coping strategieën [16]. Effectief omgaan met acute stress stoornis door gebruik te maken van religie of spiritualiteit zorgt ervoor dat de ASS en PTSS klachten afnemen.
  • Slaaphygiëne: Met een gezond dag- en nachtritme is het minder waarschijnlijk dat iemand last krijgt van slaapproblemen, concentratie problemen, woede en prikkelbaarheid. In het algemeen geldt dat het hebben van een gezond ritme ervoor zorgt dat je lichaam zich gemakkelijker kan voorbereiden op wat er komen gaat en dat zorgt voor een afname in negatieve gevoelens en emoties. Andere manieren om met woede en prikkelbaarheid om te gaan, is door afleiding (als je merkt dat je boos of geïrriteerd raakt, drink dan een glas water) te zoeken, en door te onthouden dat deze gevoelens van tijdelijke aard zijn. Ook is het verstandig om de mensen in je omgeving in te lichten over jouw situatie (en daarbij aangeven dat je wat buitenproportioneel kan reageren op bepaalde situaties). Dit zorgt ervoor dat mensen meer rekening met je zullen houden.
  • Praat met een therapeut: Mocht je het gevoel hebben dat omgaan met acute stressstoornis zwaarder is dan gedacht, contacteer dan een therapeut. Bij Barends Psychology Practice is de eerste sessie gratis en zonder ergens aan vast te zitten. Tijdens de eerste sessie kunnen we het hebben over de traumatische gebeurtenis, je coping mechanismen en, indien nodig, een behandelplan opstellen.

 
 

Literatuur

  • [1] Kornør, H., Winje, D., Ekeberg, Ø., Weisæth, L., Kirkehei, I., Johansen, K., & Steiro, A. (2008). Early trauma-focused cognitive-behavioural therapy to prevent chronic post-traumatic stress disorder and related symptoms: a systematic review and meta-analysis. BMC psychiatry, 8, 81.
  • [2] Ponniah, K., & Hollon, S. D. (2009). Empirically supported psychological treatments for adult acute stress disorder and posttraumatic stress disorder: a review. Depression and anxiety, 26, 1086-1109.
  • [3] Forbes, D., Creamer, M., Phelps, A., Bryant, R., McFarlane, A., Devilly, G. J., … & Newton, S. (2007). Australian guidelines for the treatment of adults with acute stress disorder and post-traumatic stress disorder. Australian & New Zealand Journal of Psychiatry, 41, 637-648.
  • [4] Holbrook, T. L., Hoyt, D. B., Coimbra, R., Potenza, B., Sise, M., & Anderson, J. P. (2005). High rates of acute stress disorder impact quality-of-life outcomes in injured adolescents: mechanism and gender predict acute stress disorder risk. Journal of Trauma and Acute Care Surgery, 59, 1126-1130.
  • [5] Van Emmerik, A. A., Kamphuis, J. H., & Emmelkamp, P. M. (2008). Treating acute stress disorder and posttraumatic stress disorder with cognitive behavioral therapy or structured writing therapy: A randomized controlled trial. Psychotherapy and psychosomatics, 77, 93-100.
  • [6] Bremner, J. D., Vythilingam, M., Vermetten, E., Southwick, S. M., McGlashan, T., Nazeer, A., … & Ng, C. K. (2003). MRI and PET study of deficits in hippocampal structure and function in women with childhood sexual abuse and posttraumatic stress disorder. American Journal of Psychiatry, 160, 924-932.
  • [7] Villarreal, G., Hamilton, D. A., Petropoulos, H., Driscoll, I., Rowland, L. M., Griego, J. A., … & Brooks, W. M. (2002). Reduced hippocampal volume and total white matter volume in posttraumatic stress disorder. Biological psychiatry, 52, 119-125.
  • [8] Armony, J. L., Corbo, V., Clément, M. H., & Brunet, A. (2005). Amygdala response in patients with acute PTSD to masked and unmasked emotional facial expressions. American Journal of Psychiatry, 162, 1961-1963.
  • [9] Ganzel, B. L., Kim, P., Glover, G. H., & Temple, E. (2008). Resilience after 9/11: multimodal neuroimaging evidence for stress-related change in the healthy adult brain. Neuroimage, 40, 788-795.
  • [10] Chen, Y., Fu, K., Feng, C., Tang, L., Zhang, J., Huan, Y., … & Ma, C. (2012). Different regional gray matter loss in recent onset PTSD and non PTSD after a single prolonged trauma exposure. PLoS One, 7, e48298.
  • [11] Lawrence, J. W., & Fauerbach, J. A. (2003). Personality, coping, chronic stress, social support and PTSD symptoms among adult burn survivors: a path analysis. The Journal of burn care & rehabilitation, 24, 63-72.
  • [12] Iverson, K. M., Litwack, S. D., Pineles, S. L., Suvak, M. K., Vaughn, R. A., & Resick, P. A. (2013). Predictors of intimate partner violence revictimization: The relative impact of distinct PTSD symptoms, dissociation, and coping strategies. Journal of traumatic stress, 26, 102-110.
  • [13] Olff, M., Langeland, W., & Gersons, B. P. (2005). The psychobiology of PTSD: coping with trauma. Psychoneuroendocrinology, 30, 974-982.
  • [14] Pietrzak, R. H., Harpaz-Rotem, I., & Southwick, S. M. (2011). Cognitive-behavioral coping strategies associated with combat-related PTSD in treatment-seeking OEF–OIF veterans. Psychiatry Research, 189, 251-258.
  • [15] Holeva, V., Tarrier, N., & Wells, A. (2001). Prevalence and predictors of acute stress disorder and PTSD following road traffic accidents: Thought control strategies and social support. Behavior Therapy, 32, 65-83.
  • [16] Prati, G., & Pietrantoni, L. (2009). Optimism, social support, and coping strategies as factors contributing to posttraumatic growth: A meta-analysis. Journal of loss and trauma, 14, 364-388.
  • [17] Pineles, S. L., Mostoufi, S. M., Ready, C. B., Street, A. E., Griffin, M. G., & Resick, P. A. (2011). Trauma reactivity, avoidant coping, and PTSD symptoms: A moderating relationship?. Journal of abnormal psychology, 120, 240.